donderdag 26 januari 2017

Op het tuinpad van mijn vader

Ik liep op het tuinpad van mijn vader. Met mijn hardloopschoenen aan. Ik was precies twee dagen thuis, en ik had beloofd te wachten met rennen tot het licht was. Want in Drenthe worden 27-jarigen van 1.87m nog gewoon ontvoerd door kinderlokkers. Zorgwekkende ontwikkeling wel.  

Als je al jaren niet op het tuinpad van je vader hebt gelopen, op een doordeweekse ochtend, dan ga je wel nadenken. Mijmerend over een bevroren plas springen, in een geleende sporttrui. Mijn hemel,  weet je nog? Die boom was vroeger zo klein dat je er gewoon in kon springen. Dat paard van Boer Bram, zou dat nog leven? Is het nou echt zo dat de zon altijd harder schijnt in je geboorteplaats? En het er altijd harder vriest? Zou de hond al verteerd zijn in de grond?

Die mijmeringen worden steeds groter, en groter - niet geholpen door het feit dat Daniël Lohues op repeat staat en de sentimenten van verloren liefdes en het plattelandsleven slechts worden onderbroken door het gebrul van Beyonce. Ook op repeat. Na het lopen van mijn oude rondje, constateer ik dat het paard inderdaad dood is. De ijsbaan is nog dicht, ondanks de hoopvolle bordjes met toegangsprijzen en de belofte van een gratis schaatsdag. En er staat rijp op de hei. 

Het hardlooprondje zelf bleek de afgelopen tien jaar met minstens de helft te zijn gekrompen. Wonderlijk. Er zijn twee verklaringen. Het is een gevolg van alle aardbevingen, en andere geologische ontwikkelingen. Dat, of mijn conditie is beter. Toch eens op Googelen. Toen ik mijn modderige schoenen uitklopte kon ik tenminste dat constateren. Mijn conditie is beter. Of de wereld is gekrompen. Hoe dan ook, ik ben sneller thuis dan eerst. Alles is wat.

dinsdag 24 januari 2017

Het leven is geen krentenbol

Het kan verkeren. Het ene moment zit je vol trots te vertellen over je vaatwasmachine en elektrische sinaasappelpers en dat je echt eens moet gaan beginnen met beleggen komend jaar. En het andere moment zit je als een klassiek Bridget Jones in een niet-matchende pyjama op de bank van je ouders een potje te grienen. Zonder wijn, want je bent bij je ouders en het moet wel beschaafd blijven. En dan maar denken. Had ik tóch niet al die pannenzegels moeten weggeven.

Het leven is geen krentenbol, dat is een boodschap die ik heb overgehouden aan een interne marketingcampagne in een ver verleden als Albert Heijn-caissière. Maar, ondervind ik dagelijks, dat is natuurlijk niet echt waar. Het leven is zelden een krentenbol. Op de beste dagen is het leven een goedgevulde paasstol met extra fijne poedersuiker. Vaak is het gewoon een boterham van de Dirk van de Broek, soms een die een tijdje op een nat aanrecht heeft gelegen. En dat je dat dan niet door hebt, en er je allerlaatste lekkere hagelslag op hebt gestrooid. Klote man. Maar een krentenbol? Zonder kruimels, eeuwig houdbaar en best degelijk lekker? Nauwelijks.

En dat je dan denkt: goh, nu heb ik wel tijd om eens Tolstoj te gaan lezen. Of: wordt dit het jaar van de solo-vakantie naar Oezbekistan? En vooral: moet ik vast mijn eicellen invriezen? Wel zo praktisch misschien. Maar die prijzen he, daar koop je óók een leuke contactadvertentie in de high end range in het NRC voor. Je weet wel, zo eentje van: vrouw met cachet die bescheidenheid als hoogste deugd ziet zoekt gelijkgestemde man voor inspirerende relatie die bestaat uit intellect. dialoog onder genot van kwaliteitskrant en -kaas. Eisen: sportief, goedgekleed, culinair aangelegd en met zicht op classici. Houdt van zorgen, is gedistingeerd en neemt leven zoals het komt.

Oh, die vragen. Wat als en als dan, en hoe dan, en is dit de schuld van Donald Trump? Is het de schuld van de media? Of van de immigranten? Het zal wel weer een genuanceerd antwoord zijn. Zucht. Het leven is geen krentenbol.

vrijdag 20 januari 2017

Hallo.

Oké, dus het is inmiddels bijna 6 jaar geleden dat ik geschreven heb. Ik had jullie al van tevoren kunnen vertellen dat mijn blog een kort leven beschoren was, want dit soort dingen werken bij mij alleen in tijden van absolute ledigheid. Zoals wanneer ik op een vrijdagavond met een biertje op de bank zit, en denk: heb ik nou serieus vandaag woorden als 'transmediaal' en 'beleidsinstrumentarium' opgeschreven zonder dat ik daarom moest grinniken?

En heb ik nou serieus een blog van mezelf terug gevonden omdat ik toevallig Googelde op honingdassen? De wereld is een rare plek. 


Maar het antwoord op beide vragen is ja. Dat is wat je doet als je volwassen bent. Je Googlet wat op honingdassen, en je schrijf simpele dingen zo moeilijk mogelijk op omdat dat nu eenmaal is waar je voor betaald krijgt. En dan loop je quasi-nonchalant naar een collega toe en dan zeg je: 'Ik wilde dit graag nog even tegen je aanhouden, maar misschien lukt dat beter tijdens een bila'tje?'.


Nee, ik overdrijf. Ik zou nooit iets tegen iemand aanhouden, tenzij het na 3 uur 's nachts was en een kerstborrel. En zelfs dan alleen met heel goede collega's.


Nee, ik overdrijf. Dat snappen jullie wel, toch, lief dagboek? 


Als je al niet meer mag overdrijven in het leven, kun je er net zo goed meteen mee op houden. Je moet een beetje avontuur zoeken in het normale leven. 


Ik ben daar goed in. Ik heb een berg beklommen in China, waar ik bijna vanaf viel. Op een heuvel gestaan in Schotland, met bergschoenen categorie AB, terwijl categorie C toch eigenlijk noodzakelijk was. Ik heb tegen een kapper gezegd: doe maar wat leuks. 


Goed, dat zijn natuurlijk de extreme dingen. Maar ook in het dagelijks leven is voor mij alles een avontuur. Ik zet op Utrecht Centraal mijn fiets op enkel slot - de adrenaline helpt me te voelen dat ik nog leef. Soms wacht ik 3 dagen te lang met het betalen van rekeningen. Ik heb een keer een super-risicovolle prognose voor mijn spaargeld gemaakt in Excel. En een keer een nieuw recept aan vrienden voorgeschoteld dat ik niet van te voren geprobeerd had. 


Ik hoor je denken, pff. Is dat echt avontuurlijk? Burger. Maar als context: het was een recept van Ottolenghi en ik had het aangepast van 2 naar 4 personen. Ik bedoel maar.


Om nog maar te zwijgen over die keer dat ik een halve marathon rende zonder wedstrijdplan.


Nee, maar serieus. Het volwassen leven is fijn. Ik heb een vaatwasser. Ik heb een vaas. En een klopboormachine. En een kerstpakket. Centrale verwarming. Fijne dingen. 


Ik kan hier uren over door blijven praten, maar het is half 11 ('s avonds!) en ik moet morgen nog het oud papier wegbrengen. Niet dat ik me daardoor laat weerhouden, natuurlijk. Sterker nog, misschien kijk ik zo nog wel wat Netflix. You only live once.












vrijdag 13 april 2012

Studentenhaver


Gisteren had ik een feministisch tentamen. Een feministisch tentamen? Ja, een feministisch tentamen. Dat wil zeggen: geschreven door feministen, over feministen en ik moet zeggen, grotendeels gemaakt door feministen. Over onderdrukking van vrouwen in films, theater, in boeken, en in de wetenschap. Over hoe sperma eicellen onderdrukt en over hoe Blanke Vrouwen Etnische Minderheden dan weer onderdrukken. En over hoe we altijd blijven onderdrukken, want we zijn van nature nu eenmaal een onderdrukkend soort wezens.


Ik werd er zelf ook een beetje bedrukt van. En trouwens, van de weeromstuit werd ik ook een beetje huisvrouwerig. Want van de meeste feministen moet ik zo veel. Ik moet werken, intellectueel zijn, me gelijkwaardig voelen aan mannen, maar ook niet voldoen aan het schoonheidsideaal. Ik moet kiezen voor persoonlijke ontwikkeling en op mijn strepen gaan staan in situaties waar ik dat eigenlijk helemaal niet wil. En ik moet vooral heel erg Mezelf zijn. 


Nogal intimiderend, dus. Om de balans te herstellen besloot ik daarom maar even een poosje de mijn-recht-is-het-aanrecht jaren '50 huisvrouw te gaan spelen. Ik trok mijn schort aan en bakte op geheel traditionele vlijtig deze muesli-koekjes. Je aandacht een beetje verzetten is wel goed vlak voor je tentamen, en trouwens, muesli is goed voor je denkvermogen. Met het meel nog in mijn haren en in mijn tas een papieren zak koekjes maakte ik mijn tentamen. Gek genoeg voelde ik me een beetje een rebel. HA feministen, mij krijgen jullie niet feministisch! Dat dacht ik. Maar eigenlijk ben ik wel een beetje feministisch, hoor.



Muesli-koekjes. Het punt van koekjes bakken is dat het heel makkelijk is. Dit recept is heel simpel, want eigenlijk is het niet echt een recept. Wat er in zit:


- 50 gram roomboter/margarine
- 2 eieren
- een zakje vanillesuiker
- 100 gram suiker
- 200 gram meel
- drie handjes muesli


Die laatste aantallen zijn geschat. Ik heb er meel in gedaan tot het deeg een beetje samenhangend werd, en er suiker opgegooid tot het zoet was. Je kunt er ook kaneel door doen, als je dat lekker vindt. 


Binnenkort ga ik eens proberen echte mueslikoekjes te maken. Zonder suiker, zodat het wat gezonder wordt. 

woensdag 28 maart 2012

Daktuin

De munt, tijm en bieslook
De aardbeienplantjes
Oké, daktuin is een groot woord. Maar ik voel me wel een soort Britse Home & Garden mevrouw de afgelopen dagen. Mijn kruidenprojectje begint al aardig te ontspruiten. Waar ik niet aan gedacht had: elk zaadje lijkt tot een plantje. Dat betekent dat ik nu 20 bieslook-, munt- en tijmplanten aan het ontkiemen ben. Dat wordt uitdelen! Daarnaast zijn we op ons platte dak bezig met het aanleggen van een kleine daktuin. Ons dak is illegaal bereikbaar via de noodtrap en eigenlijk niet echt geschikt om op te zitten. Maar dat doen we natuurlijk toch, want op steenworp van het park hebben we hier ons privé-terras. In elk geval, we zijn begonnen met een paar aardbeienplanten en ik hoop dat we straks misschien ook wat tomaten en wat (gestekte) peperplanten kunnen neerzetten.


Als je Het Internet bekijkt is er heel veel mogelijk. Zo zijn er mensen die aan zoldertuinen doen, plant Teunie sla in oude olieblikken (wij hergebruiken dezelfde blikken als wasmand!) en is er zelfs zoiets als een Urban Gardening Magazine. Hoewel ik mijn aardbeien in gekochte potjes heb gedaan, bedacht ik me pas later dat ik ze ook zelf had kunnen maken. Bijvoorbeeld in oude petflessen. Dat is het moeilijke aan consuminderen: je moet nadenken over wat je al hebt en niet over wat je wilt. Als je naar de winkel gaat kom je altijd terug met dingen die je niet nodig hebt, omdat je ze eigenlijk ook gewoon thuis had liggen - of in elk geval zelf had kunnen maken. 




dinsdag 20 maart 2012

Treinend naar Twente

In de trein zitten is leuk, want de trein is één van die weinige plekken waar je hóórt waar je naar toe gaat. Als ik naar Groningen ga, worrrddtt er altijd zeerr ferrrm omgeroepen dat we het eindstation naderen. Ga je naar Roterdam word je door de machinist 's ochtends vaak vergast op een gezellig 'Goeiesjomerreges'. Een reisje naar Limburg is altijd vrij exotisch, maar niet half zo leuk als met de trein naar Twente. In de trein naar Twente praten mensen vanaf ongeveer Amersfoort steeds Twentser. Ze hebben het over cóóla en lóópen en dat soort dingen. Ik vind dat leuk, want Twents is mijn lievelingsaccent.
Dubbel breien in de trein: dat is pas echt typisch


Afijn, afgelopen week was het tijd voor een bezoekje aan Twente. Het zonnetje scheen, we hadden een zakje dropjes en een paar fikse bollen wol voor een goed partijtje breien. Nu doe ik daar een beetje denigrerend over, maar eigenlijk is breien het ideale trein tijdverdrijf. Je schiet een eind op, je hoeft je niet zo te concentreren als op een boek en als je medepassagiers echt vervelend worden heb je twee venijnige naalden tot je beschikking.


Het punt is natuurlijk dat breien in de trein wel een statement is. Althans, dat gevoel heb ik. Maar ik weet niet precies wát voor een statement. Is het er een zo van: ja, ik lees de Blend en blogs en urban knitting is zó passé, net als iPhones trouwens, ik ben meer van het authentieke huiskamergevoel. Of is het een statement van: ik heb mijn rokken thuis gelaten, maar wees gerust ik ben echt bevindelijk gereformeerd. Of is het er één van: ja ik doe PABO en ik hou echt onwijs van knutselen enzo.


Tsja, ik weet het ook niet echt. Oude dames worden wel heel gelukkig van breiende blonde meisjes in de trein, en soms word ik door PABO meisjes aangesproken over mijn wolkeuze. En bovendien is mijn sjaal wel bijna af, waar toch óók wat voor te zeggen is zo op de eerste dag van de meteorologische lente!



zaterdag 17 maart 2012

Hoe je het leven moet leven

Een van mijn lievelingsactiviteiten in het weekend is het lezen van de geboorteberichten in de NRC. Naar goed 19de eeuws burgerlijk gebruik (en ik kan het weten, want ik schrijf daar mijn scriptie over) plaatst de (zelfbenoemde) Nederlandse elite zijn privé-mijlpalen als huwelijk, geboorte en sterfte in De Krant. Meestal zijn dit natuurlijk Frédériques, Fleurs (geboren te Shanghai), Moosjes, Keetjes (Amsterdam) en met af en toe een vrolijke Jet of Jan, maar deze week stond er echt een pareltje:



Ik hoop dat jullie het kunnen lezen, maar er staat dus: Geboren Liv Louisa, zusje van Max. En dan er boven: "Liv life to the Max!" Dat is bijna nog mooier dan Faber Pax, die er naast staat. "Vakman - Vrede", kom er maar eens om.